Posts tonen met het label Gezondheidszorg. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Gezondheidszorg. Alle posts tonen

zondag 12 juli 2015

Regeling dure geneesmiddelen (Nederland)



Geneesmiddelen die in het ziekenhuis worden toegediend, worden in principe uit het ziekenhuisbudget betaald. Soms zijn geneesmiddelen erg duur of ziet een ziekenhuis zich genoodzaakt om een bepaald geneesmiddel niet meer te gebruiken.



Om te voorkomen dat de zorg aan patiënten in het gedrang komt, heeft de overheid een tweetal regelingen in het leven geroepen die van toepassing zijn op dure geneesmiddelen en op geneesmiddelen die bestemd zijn voor patiënten met zeldzame of weinig voorkomende aandoeningen, de zogenaamde weesgeneesmiddelen.

Hierdoor kan een ziekenhuis naast het reguliere budget, extra budget voor dure geneesmiddelen krijgen.

Eind 2011 kwamen er velen aanvragen voor de stofnamenlijst dure- en weesgeneesmiddelen binnen bij het College voor Zorgverzekeringen (CVZ), waardoor er een achterstand ontstond. De minister besloot daarom om de regels voor toelating op de lijst aan te passen en de lijst dure- en weesgeneesmiddelen open te stellen voor nieuwe aanvragen in 2012.

Sinds 1 januari 2012 is DOT ingevoerd, een nieuw declaratiesysteem voor ziekenhuizen waarbij alle kosten voor een behandeling in 1 diagnosebehandelcombinatie (DBC) zijn opgenomen, in principe ook kosten voor dure geneesmiddelen. Als een middel meer dan €10.000 per patiënt per jaar kost, dan kunnen ziekenhuizen hier een add-on voor aanvragen. Daarom was besloten om de lijst dure- en weesgeneesmiddelen te vervangen.

Half mei 2012 besloot de minister om de lijst voorlopig open te stellen voor nieuwe aanvragen in 2012 en moesten geneesmiddelen alleen aan de kostenprognose voldoen: de totale kosten voor het geneesmiddel voor een bepaalde ziekte zijn voor alle Nederlandse ziekenhuizen samen minimaal 2,5 miljoen euro. Aan de overige voorwaarden (therapeutische meerwaarde en doelmatigheidsonderzoek) hoefde niet te worden voldaan.

Vanaf 2013 is het de bedoeling dat er alleen nog met add-ons wordt gerekend en niet meer wordt gewerkt met de lijst dure- en weesgeneesmiddelen.

--------------------------------------------------------------------------
Bron: Nza

woensdag 4 maart 2015

Ataxie en voeding


Laat ik beginnen dat geen van de voedingssuggesties wetenschappelijk bewezen zijn voor ataxie patiënten.  Er zijn tot op heden geen wetenschappelijke onderzoeken uitgevoerd met ataxie patiënten om te veronderstellingen te bewijzen. 

Toch zijn er wel enkele richtlijnen opgesteld door de Nationale Ataxia Foundation in Amerika. Deze heb ik hieronder weergegeven. 





Koolhydraat-arm dieet



Ataxie patiënten voelen zich vaak beter als zij een koolhydraat-arm dieet volgen en minder voedingsmiddelen eten met een hoog suikergehalte.

Een koolhydraat-arm dieet is een eetpatroon waarbij de consumptie van koolhydraten (zoals brood, pasta, aardappelen, rijst en suiker) wordt beperkt. 



Bewerkte voeding


Probeer bewerkte voeding te vermijden zoals kipnuggets, hotdogs, bacon, chips, frietjes, frisdrank, ontbijtgranen, muesli repen, koeken van de supermarkt, soepen van de supermarkt, margarine, kant-en-klare maaltijden etc.

Vooral bewerkte voeding bevat veel te veel zout, suiker, kleur- en smaakstoffen, conserveringsmiddelen, vulstoffen en ga zo maar door.




Drinken 


Drink voldoende water (6 tot 8 glazen per dag). Vermijd gezoete dranken en fruit drankjes. Ook dranken gezoet met kunstmatige zoetstof kan je beter laten staan.


Overzicht van voedingsstoffen die je beter kunt vermijden



  • Aspartaam               
Geen voedsel waarin aspartaam (kunstmatige zoetstof) verwerkt is zoals frisdrank.

  • Brood                      
Zo min mogelijk koolhydraten.

  • Chocolade               
Geen pure of melk chocolade, ook geen voeding waarin chocolade is verwerkt.

  • Citrus vruchten      
Geen citrusfruit en citrussap, ook geen bananen.
                   
  • Monosodium glutamaat (MSG, E621, natriumglutamaat, Ve-tsin)
Glutamaat veroorzaakt een unieke smaakcomponent in levensmiddelen. Hierdoor is het heel moeilijk om aan de verleiding te weerstaan. Denk maar aan je voornemen om maar één zoutje, koekje, dropje te eten en dan wordt het toch een hele zak. 
Omdat glutamine een onderdeel is van eiwitten wordt dit ook bijna in alle eiwitbevattende voeding aangetroffen, zoals vlees, gevogelte, vis, groenten en melk.
Natriumglutamaat wordt verantwoordelijk geacht voor het zg. “Chinees-restaurant-syndroom”, gekenmerkt door duizeligheid, flauwtes en hartkloppingen. 

  • Nitraat/nitriet          
Geen bacon, hotdogs, worstjes, ham, gerookte vis met nitraat of nitriet

  • Uien                        
Geen rauwe uien, wel gekookte/gebakken uien.

  • Sulfiet                     
Geen rozijnen, gedroogd fruit, dadels en vijgen geconserveerd met sulfiet.

  • Tyramine                
Kaas*, pizza, yoghurt, zure room, karnemelk, lever, noten (en pindakaas), soja-saus, linzen, lima-bonen, zuurkool.

*Kaas: cottage cheese, ricotta, cream cheese zijn ok. Hoe langer de kaas is gerijpt hoe meer tyramine.
Sommige mensen hebben last van het zogenaamde ‘kaassyndroom’. Zij krijgen knallende koppijn van een stukje oude kaas. De boosdoener is tyramine.



SCA1


Een studie heeft aangetoond dat Omega3 de cellen enigszins beschermt bij SCA1 patiënten.
Omega 3 is te verkrijgen als onder andere visolie capsules bij apotheek, drogist en natuurvoedingswinkels.

i

----------------------------------------
Document van de Nationale Ataxia Foundation over voeding en ataxie.


donderdag 15 januari 2015

Een nieuwe baan? Zomaar keuren mag niet!

Solliciteert u naar een nieuwe functie? Dan kan het gebeuren dat u medisch wordt gekeurd, we noemen dat een aanstellingskeuring. Let op: daar zijn strenge regels voor; keuren mag lang niet altijd voor elke functie!
De CKA ziet erop toe dat werkgevers zulke keuringen volgens de regels uitvoeren.

Als er problemen met zo’n aanstellingskeuring zijn, bestaat voor een sollicitant de mogelijkheid om een klacht in te dienen. Dat kan hij doen bij de Commissie Klachten Aanstellingskeuringen (CKA) van de Sociaal-Economische Raad (SER). De CKA is speciaal in het leven geroepen om problemen met een aanstellingskeuring op te lossen. Daarnaast geeft de CKA voorlichting en advies aan sollicitanten, bedrijfsartsen en werkgevers.

De meeste informatie over aanstellingskeuringen is hier te vinden.

Hieronder is een aansprekende animatie te vinden waarin het onderwerp kort wordt uitgelegd.



donderdag 15 mei 2014

Meer oog voor de mantelzorger (Sjirk van der Werff)



Staatssecretaris Martin van Rijn (VWS) zal mantelzorgers tot niets verplichten en nooit laten opdraaien voor 'lijfsgebonden' zorg, zoals bijvoorbeeld het wassen van iemand. Dat is echt iets voor mensen die deze activiteiten kunnen uitvoeren volgens professionele standaarden. Intussen wil hij wel een betere ondersteuning van mantelzorgers om hun taken te verlichten.

Dat schrijft hij in een brief aan de Tweede Kamer. Hij roept gemeenten en zorgverleners op beter te luisteren naar de behoeften en vragen van mantelzorgers en vrijwilligers. De gemeenten moeten mantelzorgers ook verplicht ,,een blijk van waardering'' geven. Het huidige mantelzorgcompliment houdt per 1 januari 2015 op te bestaan. Het budget zal worden toegevoegd aan het deelfonds sociaal domein van het gemeentefonds.

Van Rijn gaat onder meer regelen dat mantelzorgers meepraten als de gemeente de 'zorgvraag' voor iemand opstelt. In zorginstellingen moeten mantelzorgers betrokken worden bij het opstellen van het zorgplan. ,,Zo blijft de kennis en kunde van de mantelzorger behouden wanneer professionele zorg om de hoek komt kijken'', legt het ministerie uit.

In de opleiding van beroepszorgers moet ook oog zijn voor de mantelzorger. Volgens Van Rijn zijn mantelzorgers en professionals 'partners': ,,Ze vullen elkaar aan.'' De staatssecretaris spreekt van gelijkwaardigheid tussen cliënt, mantelzorger, vrijwilligers en formele zorg. Mantelzorgers weten namelijk vaak beter dan de zorgverlener hoe hun naaste het beste geholpen kan worden. Ik wil daarom de informele en formele zorg en ondersteuning beter verbinden.''

Voorkomen moet worden dat mantelzorgers en vrijwilligers overvraagd en overbelast raken. Een deel van de werkende mantelzorgers komt ook in de knel door het combineren van werk en mantelzorg, weet Van Rijn. Dit maakt het verbeteren van de mogelijkheden om arbeid en zorg te combineren noodzakelijk. De rol van de overheid is erin gelegen om hierin zo min mogelijk belemmeringen op te werpen en om de keuzemogelijkheden van mensen zo veel mogelijk te vergroten.

donderdag 24 april 2014

Veranderingen in de zorg op 1 januari 2014 (Sjirk van der Werff)



Vanaf 1 januari 2014 verandert een aantal dingen in de zorg. Het verplicht eigen risico is in 2014 €360. De geestelijke gezondheidszorg en de vergoeding voor psychologische hulp veranderen. Het kabinet wil dat landelijke inkomensregelingen voor financiële compensatie voor chronisch zieken en gehandicapten overgaan naar de gemeenten. Hieronder staan alle belangrijkste veranderingen in de zorg in 2014 op een rij.

Verplicht eigen risico €360


In 2014 is het verplicht eigen risico van uw zorgverzekering €360. Dit eigen risico geldt voor alle verzekerden vanaf 18 jaar. Verzekerden onder de 18 jaar betalen geen eigen risico (en ook geen premie). Lagere inkomens worden, afhankelijk van hun inkomen, via de zorgtoeslag gecompenseerd.


Het verplicht eigen risico in de basisverzekering geldt niet voor:
  • huisarts;
  • verloskundige zorg;
  • kraamzorg.

Nieuwe behandelingen voorwaardelijk in het basispakket


Vanaf 1 januari 2014 vergoeden verzekeraars 2 nieuwe zorgvormen vanuit de basisverzekering. Het gaat om:

  • behandelingen voor bepaalde patiënten met geïnfecteerde pancreasnecrose (een ontsteking van het weefsel in de alvleesklier);
  • behandelingen voor bepaalde patiënten met een ernstige vorm van de ziekte van Crohn (een darmziekte). 


Voorwaardelijke vergoeding



De Rijksoverheid laat deze behandelingen voorwaardelijk toe tot het basispakket. Omdat nog niet is bewezen dat de behandelingen effectief zijn, zitten ze nog niet in het basispakket. Er moet eerst onderzoek komen naar de gezondheidswinst van de behandelingen. De Rijksoverheid denkt dat de kans groot is dat ze effectief blijken te zijn.

Patiënten die op deze behandelingen zijn aangewezen, kunnen ze vergoed krijgen. Voorwaarde voor vergoeding is dat de patiënten meedoen aan het onderzoek naar de effecten van de behandelingen. Vergoeding is mogelijk zolang de behandelingen voorwaardelijk in het basispakket zitten. Na afloop van het onderzoek beoordeelt de Rijksoverheid of de behandelingen effectief zijn. En of ze definitief in het basispakket komen.


Diane 35-pil uit basispakket



Vanaf 1 februari 2014 vergoedt de basisverzekering de Diane 35-pil niet meer. De Diane 35 is een anticonceptiepil die vanuit de basisverzekering vergoed werd voor de behandeling van ernstige acné en overbeharing.

Veranderingen geestelijke gezondheidszorg



De geestelijke gezondheidszorg (GGZ) verandert in een stelsel met een ‘generalistische basis GGZ’ en een ‘gespecialiseerde GGZ’. Hebt u psychologische hulp nodig? Dan gaat u eerst naar de huisarts. De huisarts maakt een eerste inschatting van de aard en ernst van uw problemen. Als het nodig is, verwijst de huisarts u door naar de basis GGZ of gespecialiseerde GGZ.


Vergoeding psychologische hulp verandert



Zorgverzekeraars vergoeden vanaf 2014 geheel of gedeeltelijk de gesprekken die u heeft met bijvoorbeeld een psycholoog. Elke zorgverzekeraar kan de vergoeding anders regelen. Bekijk altijd uw polisvoorwaarden van uw zorgverzekering of neem contact op met uw verzekeraar.

Vanaf 2014 vervalt de eigen bijdrage voor psychologische hulp. Ook de eigen bijdrage voor een internetbehandeltraject vervalt per 1 januari 2014.



Restitutiepolis blijft bestaan



U kunt ook in 2014 kiezen tussen een naturapolis of een restitutiepolisBij een naturapolis gaat u in principe naar de zorgaanbieders waar uw zorgverzekeraar een contract mee heeft. Bij een restitutiepolis kiest u zelf uw zorgverleners. Informeer bij uw zorgverzekeraar of u de kosten eerst zelf moet betalen of dat de verzekeraar dit voor u doet. Moet u de kosten eerst zelf betalen? Dan stuurt u daarna de rekening naar uw zorgverzekeraar.


Minder zorgtoeslag in 2014



De maximale zorgtoeslag is in 2014 lager dan in 2013. Dit komt doordat de premie van de zorgverzekering ten opzichte van 2013 gedaald is. Daarnaast houdt de overheid rekening met de korting die burgers op hun premie kunnen krijgen. Deze korting heet ook wel een collectiviteitskorting. Als u een laag inkomen heeft, krijgt u een tegemoetkoming in de zorgkosten. Hoe lager het inkomen, hoe hoger de zorgtoeslag. Voor alleenstaanden geldt in 2014 een maximum inkomen van €28.482. Voor partners geldt een maximum inkomen van €37.145.

De maximum zorgtoeslag is voor alleenstaanden €865. Voor meerpersoonshuishoudens €1.655.


De Wtcg en CER afgeschaft: gericht gemeentelijk maatwerk



Het kabinet is van plan bepaalde tegemoetkomingen voor chronisch zieken en gehandicapten af te schaffen. Het gaat om:

  • de Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten (Wtcg)
  • de regeling compensatie eigen risico (CER).

Om u gerichte ondersteuning te kunnen bieden, krijgen gemeenten extra geld van de overheid. In plaats van de Wtcg tegemoetkoming en de CER, gaan de gemeenten ondersteuning op maat bieden. De gemeente is beter in staat uw persoonlijke situatie als chronisch zieke of gehandicapte te beoordelen en de ondersteuning daarop af te stemmen. De gemeente kan u ondersteunen op grond van de Wmo of de bijzondere bijstand. Ook wordt een financiële tegemoetkoming op grond van de Wmo mogelijk.

De gemeenten krijgen een handreiking voor deze nieuwe vorm van ondersteuning. Het parlement moet de plannen nog goedkeuren.


Persoonsgebonden budget



In 2014 verandert een deel van de pgb-tarieven en de uitbetaling van pgb-voorschotten. Ook voert de Rijksoverheid de zogenaamde trekkingsrechten in.



Tarieven pgb



In 2014 komen er aparte tarieven voor pgb’s met en zonder een indicatie voor langdurig verblijf.


  • Hebt u een pgb met een indicatie voor langdurig verblijf? Dan blijft uw pgb even hoog als in 2013. Alleen als u een budgetgarantie heeft, gaat uw pgb met maximaal 10% omlaag. Dit komt door de afbouw van uw budgetgarantie voor pgb.
  • Hebt u een pgb zonder indicatie voor langdurig verblijf? Het pgb-tarief voor verpleging en kortdurend verblijf blijft even hoog als in 2013. Maar het pgb-tarief voor persoonlijke verzorging en begeleiding gaat in 2014 met 5% omlaag.
  • Krijgt u in 2014 voor het eerst een pgb? Dan geldt een maximaal uurtarief van € 20 voor hulp van niet-professionele zorgverleners. 


U vindt de pgb-tarieven op de website van het CVZ. Of op de website van uw zorgkantoor.



Uitbetaling voorschotten pgb



Vanaf 2014 vindt de uitbetaling van pgb-voorschotten niet meer per jaar of per half jaar plaats.

  • Is uw netto pgb minder dan € 15.000 per jaar? Dan worden de voorschotten per kwartaal uitbetaald.
  • Is uw netto pgb meer dan € 15.000 per jaar? Dan wordt het voorschot per maand uitbetaald.


Trekkingsrecht voor pgb-houders in fases ingevoerd



In de loop van 2014 wordt het zogenaamde trekkingsrecht ingevoerd. Het zorgkantoor maakt uw pgb dan over aan de Sociale Verzekeringsbank (SVB). U krijgt dus geen voorschot meer op uw eigen pgb-rekening. De SVB betaalt uw zorgverleners nadat u daarvoor opdracht heeft gegeven.

De overheid voert het systeem van trekkingsrechten geleidelijk in. In de eerste maanden van 2014 wordt het systeem getest. Als het systeem naar behoren werkt, hoort u in de loop van 2014 wanneer het trekkingsrecht voor u gaat gelden. Uw zorgkantoor laat u dit minstens 2 maanden van tevoren weten. Het zorgkantoor laat u ook op tijd weten per wanneer uw budget daadwerkelijk overgaat naar de SVB. Per 1 januari 2015 geldt voor iedere pgb-houder het trekkingsrecht.



Berekening van eigen bijdrage AWBZ eenvoudiger



De berekening van de eigen bijdrage in de AWBZ verandert en wordt eenvoudiger. In de berekening vervallen onder andere de ouderentoeslag en de Wajongtoeslag. Ook de Wtcg-korting wordt afgeschaft. Voor deze aftrekposten komt één aftrek in de plaats. De hoogte van de aftrek is afhankelijk van het recht op AOW.



Proefberekening eigen bijdrage maken



Op de website van het CAK kunt u een proefberekening maken voor uw eigen bijdrage in 2014.




Langer thuis wonen in de ouderenzorg



Ouderen met een lichte zorgvraag die vanaf 1 januari 2014 zorg aanvragen, krijgen die ondersteuning voortaan thuis. Ze krijgen niet langer een indicatie voor zorgzwaartepakket 3 (ZZP VV3). Sinds begin 2013 gold dat al voor nieuwe cliënten met de zorgzwaartepakketten (ZZP’s) 1 en 2.

In plaats van een zorgzwaartepakket krijgen zij een indicatie voor extramurale zorg. Dit betekent dat zij langer thuis blijven wonen. De cliënten krijgen voortaan thuis de zorg en ondersteuning die zij nodig hebben. Deze mensen kunnen als dat nodig is ook gebruik maken van voorzieningen zoals de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).

Er zijn verzorgingshuizen en woonzorgcentra die inspelen op de wens van ouderen voor zorg in de buurt. Deze huizen en centra verhuren hun kamers of appartementen aan mensen met een lichte
zorgvraag.


Hebt u al een licht zorgzwaartepakket? Dan verandert er voor u niets.



woensdag 18 december 2013

Nationaal Plan Zeldzame Ziekten, Nederland

Met het Nationaal Plan Zeldzame Ziekten wordt een voorstel gedaan voor activiteiten die de situatie van mensen met een zeldzame ziekte in Nederland zouden kunnen verbeteren. Het plan is op 10 oktober 2013 overhandigd aan minister Schippers van VWS. Bij de totstandkoming van het plan was een klankbordgroep met vertegenwoordigers van o.a. patiëntenorganisaties en medisch professionals betrokken.

Wat ontbreekt er nog?


Het Nationaal Plan Zeldzame Ziekten is opgedeeld in 6 inhoudelijke hoofdstukken. Ieder hoofdstuk beschrijft de actuele stand van zaken rond een specifiek onderwerp en bevat aanbevelingen voor de toekomst. Bij de aanbevelingen is uitgegaan van wat er volgens de auteurs op dit moment nog ontbreekt om goede kwaliteit van zorg en leven voor mensen met een zeldzame ziekte mogelijk te maken.

Onbekend



Mensen met een zeldzame ziekte lopen tegen een groot aantal problemen aan. Deze zijn vaak verklaarbaar door de onbekendheid van zorgverleners met de aandoening. Het is niet realistisch te verwachten dat zorgverleners zich de uitingsvormen en klachten van de vele duizenden zeldzame ziekten eigen kunnen maken. Echter:
meer wetenschappelijk onderzoek en aandacht voor (genetische) diagnostiek is absoluut noodzakelijk.
Daarnaast is het belang dat er meer aandacht komt voor de uitwisseling en het bundelen van kennis, bijvoorbeeld via een centrale internetportal.

Beschikbaarheid van zorg


Bij de zorg voor mensen met een zeldzame aandoening zijn vaak meerdere specialismen betrokken, waaronder psychosociale en maatschappelijke disciplines. Voor zeldzame ziekten geldt dat er behoefte is aan meer zorg op maat, zodat er integrale zorg en therapie beschikbaar komt.

Wetenschappelijk onderzoek


Er is behoefte aan meer (medisch) wetenschappelijk onderzoek naar zeldzame ziekten. Dit geldt voor onderwerpen als oorzaak, symptomen en behandeling van de ziekte, maar ook voor onderzoek naar nieuwe, innovatieve geneesmiddelen.
Patiëntenorganisaties

Patiëntenorganisaties voor zeldzame ziekten werken nog te weinig samen. Daarmee laten zij een kans liggen om de belangen van mensen met een zeldzame ziekte op een efficiënte wijze te behartigen. In het algemeen ontbreekt het daarnaast nog te vaak aan algehele regie en afstemming van activiteiten ten aanzien van de gezamenlijke aspecten van zeldzame ziekten.

Het Nationaal Plan Zeldzame Ziekten doet per gesignaleerd knelpunt een of meer aanbevelingen voor de korte en langere termijn.


Klik hier om het Nationaal Plan Zeldzame Ziekten te bekijken.